Geweld over en weer is geen dwingende controle?
door J. Metz
Soms zie je twee mensen die elkaar slaan. Twee mensen die schreeuwen. Twee mensen die zeggen dat de ander de oorzaak is van het conflict. Dan ligt de conclusie soms voor de hand: het geweld is wederzijds. Maar is dat wel zo? In bijgaande matrix heb ik mijn gedachten over dit vraagstuk zichtbaar gemaakt. Hij is bedoeld om een onderscheid zichtbaar te maken dat in de praktijk gemakkelijk verloren gaat: geweld en controle zijn niet hetzelfde.
Niet alleen kijken naar wie geweld gebruikt
Wanneer we partnergeweld onderzoeken, is het verleidelijk om vooral te kijken naar wat er tijdens een incident gebeurt. Wie sloeg? Wie schreeuwde? Wie bedreigde wie? Wie gooide met spullen?Dat zijn belangrijke vragen. Maar ze vertellen nog niet automatisch wat er in de relatie gebeurt.Dezelfde gedraging kan namelijk een heel andere betekenis hebben, afhankelijk van de context.Een klap kan onderdeel zijn van een ruzie die steeds verder escaleert. Het kan ook onderdeel zijn van een patroon waarin één partner de ander angst aanjaagt en controleert. En een klap van degene die structureel wordt gecontroleerd, kan een reactie zijn op die controle.Daarom is naast de vraag “Wie gebruikt geweld?” een andere vraag nodig: Wat is de betekenis en functie van het geweld binnen het relationele patroon? Om hier zicht op te krijgen is het belangrijk door te vragen bij incidenten. Hoe is het begonnen, wat is er gebeurd, hoe is het afgelopen? Het in kaart brengen van het geweld is dus nog maar het begin. Om patronen te duiden moet ook gekeken worden naar de impact en functie van het geweld.
Typologieën van partnergeweld
In wetenschappelijke typologieën van partnergeweld wordt ook rekenschap gegeven van de impact en functie . Johnson maakt bijvoorbeeld onderscheid tussen situational couple violence, coercive controlling violence, violent resistance, separation-instigated violence en mutual violent control. Niet alleen het geweld zelf, maar juist de aanwezigheid of afwezigheid van een patroon van controle bepaalt daarin het onderscheid.Geweld bij stress of conflict wordt ook wel situationeel geweld genoemd. Gedrag dat wordt ingezet om de ander onder controle te houden noemen we dwingende controle of intieme terreur. Het geweld kan er aan de buitenkant hetzelfde uitzien, maar de onderliggende dynamiek is wezenlijk anders. Geweld bij stress ontstaat bijvoorbeeld als volgt: stress of conflict → oplopende spanning → escalatie → geweldEr hoeft daarbij geen sprake te zijn van een structurele poging om de ander te beheersen.Bij dwingende controle ziet de dynamiek er anders uit: controle en dominantie → beperking, afdwingen, intimidatie of dreiging → onderwerping of verzet → consequentie (goedschiks of kwaadschiks).
Goedschiks of kwaadschiks
Dwingende controle hoeft er niet uit te zien als agressie. Controle kan ook worden verpakt als liefde, zorgzaamheid of bescherming. Denk aan opmerkingen zoals “Ik wil gewoon zo graag bij je zijn” , “Ik doe dit omdat ik zoveel van je hou”, “Ik regel alles voor je, zodat jij je nergens druk over hoeft te maken”, “Ik heb een verrassing voor je”. Cadeaus, grote beloften, buitensporige aandacht en love bombing kunnen onderdeel zijn van een patroon waarin iemand eerst wordt ingepakt en vervolgens steeds afhankelijker wordt gemaakt.Dat betekent natuurlijk niet dat een cadeau of veel aandacht op zichzelf een vorm van controle is. Het gaat steeds niet alleen om het gedrag, maar óók om de functie en het patroon.Wordt het cadeau gebruikt om druk uit te oefenen of een keuze te beïnvloeden?Kan iemand een grens stellen zonder consequenties?Kan iemand “nee” zeggen?Kan iemand zelfstandig keuzes maken?En blijft de liefde of zorg beschikbaar wanneer iemand niet doet wat de ander wil?Een controlerend patroon kan dus bestaan uit een combinatie van negatieve én ogenschijnlijk positieve gedragingen. Persoonlijk ben ik daarom voorstander van de term ‘dwingende controle’. Dat maakt voor mij het meest duidelijk wat er speelt: de ene partner probeert de ander onder bedwang te houden en diens doen en laten te controleren.

Wederzijds geweld contra-indicatie voor dwingende controle?
In mijn matrix zijn de typologieën van Johnson net iets anders weergegeven om je aan het denken te zetten. Zo probeer ik zichtbaar te maken wat anders gemakkelijk door elkaar wordt gehaald.
Wederzijds geweld is niet altijd hetzelfde als wederkerig situationeel geweld. Twee mensen kúnnen geweld gebruiken zonder elkaar te controleren. Zeker. Stel dat beide partners tijdens conflicten hun zelfbeheersing verliezen en elkaar soms slaan, naar elkaar schreeuwen en elkaar beledigen. Dan is er sprake van situationeel geweld aan beide kanten.
Maar stel nu dat één van hen daarnaast structureel bepaalt met wie de ander contact heeft, controleert waar de ander is, toegang tot geld beperkt, voortdurend verantwoording vraagt, de ander bang maakt voor de consequenties van ongehoorzaamheid en de bewegingsvrijheid steeds verder inperkt. De ander schreeuwt en slaat tijdens een escalatie terug.Dan zien we aan de buitenkant dat beiden geweld gebruiken. Maar wanneer we naar het patroon kijken, zien we iets anders: de één oefent dwingende controle uit; de ander reageert met geweld. Dat is een wezenlijk ander beeld.
Gewelddadig verzet
Johnson gebruikt voor een dergelijke situatie het begrip violent resistance: gewelddadig verzet. Daarmee wordt bedoeld dat iemand die wordt geconfronteerd met dwingende controle zelf geweld gebruikt, zonder dat die persoon daarmee automatisch óók degene is die de controlerende dynamiek bepaalt. Dat geweld kan bijvoorbeeld ontstaan uit angst, frustratie, zelfbescherming of verzet tegen de controle. In de matrix duid ik geweld bij stress als situationeel geweld: geweld dat ontstaat vanuit oplopende spanning, stress of conflict. Gewelddadig verzet kan daarentegen ook een meer instrumenteel karakter hebben. Het kan bijvoorbeeld worden ingezet om een acute dreiging te stoppen of om ruimte terug te winnen. Dat maakt het nog belangrijker om niet alleen te registreren wat iemand heeft gedaan, maar te onderzoeken waarom, wanneer en binnen welk patroon.Onderzoek van Dichter et al. (2018) toont bovendien aan dat slachtoffers van dwingende controle vaker zelf fysiek geweld gebruiken dan slachtoffers van situationeel geweld. Een slachtoffer van dwingende controle kan prikkelbaar, boos, explosief en zelfs gewelddadig reageren. Dat gedrag kan een vorm van verzet, zelfbescherming, vergelding of overlevingsgedrag zijn. Het zegt op zichzelf niets over de onderlinge gelijkwaardigheid tussen de partners.
Wederkerig geweld sluit dwingende controle niet uit
Dit is voor mij de belangrijkste boodschap van deze matrix: Twee mensen kunnen allebei slaan. Dat betekent niet dat twee mensen elkaar controleren of dat ze aan elkaar gewaagd zijn. Daarom is het onvoldoende om alleen te onderzoeken wie welk geweld heeft gebruikt. We moeten ook onderzoeken:
Wie bepaalt?
Wie past zich aan?
Wie is bang voor de reactie van de ander?
Wie moet voortdurend rekening houden met de stemming van de ander?
Wie bepaalt wat de ander mag doen, dragen, zeggen of met wie de ander contact mag hebben?
Wie controleert geld, communicatie, sociale contacten of bewegingen?
Wie stelt regels en verbindt daar consequenties aan?
Wie probeert de ander structureel te laten leven volgens zijn of haar voorwaarden?
En welke functie heeft het geweld binnen dit geheel?




Opmerkingen